Uniek landschap

Jacobspad: Zanddijk (Onlanden)-Roderwolde

Het is alweer een tijd geleden dat we voor het laatst gelopen hebben. Na augustus vorig jaar kreeg ik meer en meer last van mijn linker knie. Onderzoek wees uit dat er weliswaar vocht in de knie zit, maar alle banden en zichtbare delen op de echo zagen er wel goed uit. Het ‘probleem’ zit daarmee dieper in de knie en het advies is fysiotherapie om alle spieren rondom aan te sterken. Inmiddels ruim een half jaar verder gaat het beter en wil ik de draad weer oppakken met een kortere wandeling van ongeveer 6 kilometer. Eens kijken hoe het ‘soft’ wandelen in de praktijk gaat bevallen. 😉

Het traject van de Zanddijk in De Onlanden naar Roderwolde is daar, volgens mij, een ideaal stuk voor. Volgens de beschrijving ‘voert het wandelaars door een ruig, jong natuur- en waterbergingsgebied met weidse uitzichten, grasdijken, moerasgebieden en vaak de aanwezigheid van ooievaars of de zeearend.’ Vooral in het voorjaar moet het hier een eldorado voor vogels zijn. Het verhaal dat tientallen veldleeuweriken onderweg voor een muzikaal feest kunnen zorgen, spreekt tot mijn verbeelding. Genoeg te zien en te genieten en vast zeer geschikt om het tempo te vertragen. Twee vliegen in één klap?

De ‘schelp’ is soms lastig te vinden

We starten bij ‘de Onlanderij’. Dit vroegere boerenerf aan de Madijk in Eelderwolde is al enkele jaren een poort tot natuurgebied De Onlanden. Oorspronkelijk werd dit gebied gekenmerkt door heidevelden die werden doorkruist door kleine, vochtige graslanden. Het water uit de beken van Drenthe kwam hier samen om vervolgens naar de Waddenzee te stromen. In het verleden heeft de stad Groningen meerdere malen te maken gehad met wateroverlast omdat het water bij hevige regenval te snel richting Groningen werd afgevoerd. Met de herinrichting van het gebied kreeg dit natuurgebied ook de functie van waterreservoir om mogelijke overstromingen in de toekomst te voorkomen. De natuur heeft zich daarna snel aangepast en ontplooit zich langzaam weer naar een waterrijk gebied met een natuurlijk fluctuerend waterpeil. Natuurmonumenten heeft (onderhoud)hulp van een kudde Exmoor pony’s, stoere oerpaardjes die zonder problemen het hele jaar buiten kunnen blijven. Dit paardenras is zeldzaam geworden, waardoor deze nieuwe kudde ook kan bijdragen aan het behoud van deze bijzondere soort. Leuk weetje is dat van de opbrengst van de Groene 4 Mijl in 2016 en 2017 een aantal van deze paardjes zijn aangeschaft. Door de begrazing met de pony’s, samen met de (zomer)begrazing door 400 koeien, wordt het gebied veel afwisselender wat weer gunstig is voor de verscheidenheid aan planten en dieren. Ze hopen hier bijvoorbeeld veldleeuweriken, roerdompen, paapjes, porseleinhoentjes en misschien zelfs de grauwe klauwier te zien, aldus een boswachter.

Langs de Zanddijk

Ha, de veldleeuwerik……. We doen ons best, maar zo’n klein vogeltje (16-18 cm) is moeilijk met het blote oog te ontdekken. We verdiepen ons snel in de uiterlijke kenmerken en leren dat de veldleeuwerik een lichtbruin verenkleed heeft met een licht bruin gestreepte borst. Deze strepen contrasteren met een witte buik. Ze kunnen een korte, stompe kuif oprichten en ze hebben een relatief korte snavel. Zonder verrekijker een onmogelijkheid ;).

Zien is kennen

Hun geluid dan? Dat muzikale feest? De ‘uitbundig klinkende zang’ van de veldleeuwerik wordt als volgt beschreven: ‘dit kan op mooie dagen in het voorjaar van grote hoogte gehoord worden. De mannetjes maken spectaculaire zangvluchten. Eerst klimmen ze luid zingend tot een hoogte van soms meer dan honderd meter, waarna ze ook weer zingend omlaag vliegen om in de buurt bij het vrouwtje te landen. Een uitzonderlijk record ligt op 56 minuten.’ Klinkt bijzonder, maar ik denk dat het vogeltje vandaag overstemd wordt door de ganzen en de kraaien, die natuurlijk veel meer kabaal kunnen produceren!

Langzaam maar zeker wordt het steeds minder druk om ons heen. We kruisen het gekanaliseerde riviertje de Gouwe en genieten van de wereld om ons heen.

Uitkijken over de Gouwe

Vreemd om je te realiseren dat er rond 1300 al monniken door dit moerasgebied liepen. Ze waren op weg van het klooster in Aduard naar de kerk in Vries. Volgens de overlevering pauzeerden zij vaak bij een hoger gelegen zandkop die boven het moeras uitstak. Er zou op dit punt destijds een beeld hebben gestaan en daarom heeft de uitkijktoren die nu op deze plek staat de naam ‘Het Beeld’ gekregen. Langs het pad hier naar toe staan een paar figuren van monniken en een paar bankjes. Verwijzingen naar de geschiedenis van dit gebied. Wij lopen hier niet langs, maar zien even verderop in de fietstunnel wel een verwijzing in de vorm van een muurschildering.

De monniken liepen hier vroeger ook al ……

We zijn inmiddels vlakbij het tolhuis aan de andere kant van de Groningerweg. Tot ongeveer 150 jaar geleden waren er in Drenthe alleen maar zandwegen. Moeilijk om op te lopen of om met paard en wagen over te rijden, vooral na een flinke regenbui. Eén van de belangrijkste wegen in de gemeente Noordenveld is de Groningerweg die vanaf Smilde, via Norg, Roden en Peize naar Groningen loopt. Deze weg tussen Roden en Peize naar de stad is in 1884 aangelegd, evenals het (bijbehorende) tolhuis. De verharding en ook het onderhoud van de weg was duur. Daarom werd er langs deze weg tol geheven, want als je de weg wilde gebruiken, dan moest je daarvoor betalen. Een postwagen moest bijvoorbeeld 10 cent betalen en een kar met een geit ervoor 3 cent. Inmiddels is het tolhuis als woonhuis in gebruik waarmee de oorspronkelijke indeling met bergruimte, koe- en varkensstal verdwenen is. Het blijft leuk om je te verdiepen in kleine beetjes geschiedenis onderweg.

We lopen verder richting het Peizerdiep. Tussen de diverse dorpen stromen verschillende beekjes die samenkomen in het Peizerdiep, dat bij Peizermade overgaat in het Aduarderdiep en uiteindelijk richting de Waddenzee stroomt. In de tijd voor de aanleg van goede wegen (ruwweg voor 1900) was vervoer over water één van de belangrijkste transportmiddelen voor zowel goederen als personen. De dorpen Peize en Roderwolde hadden dan ook een kleine haven. De oude vaarverbinding sloot aan op het Hoendiep waardoor een verbinding met de stad Groningen een feit was. Het haventje van Peize bestaat niet meer en het haventje van Roderwolde is in de zeventiger jaren gedempt. In 2006 is het haventje van Roderwolde weer in ere hersteld na initiatieven vanuit de bevolking. Het Peizerdiep is nog steeds bevaarbaar, maar vanwege de lagere waterstand en de brug in de A7, slechts voor kleine boten zoals b.v. kano’s.

Het zand nodig voor de werkzaamheden in De Onlanden komt over het Peizerdiep
Haventje in Roderwolde

Dan doemt Roderwolde op. Van verre zien we zowel de molen als de witte kerk, tevens ons einddoel van vandaag. Windmolen Woldzigt is de grootste molen en volgens de Roderwolders (en velen met hen) ook de mooiste molen van Drenthe. In 1852 lieten twee zwagers hem als oliemolen bouwen. De namen van beide heren staan op een gevelsteen vermeld. Via de Schipsloot recht tegenover Woldzigt konden lijnzaad en koolzaad worden aangevoerd. Van het lijnzaad maalden ze lijnolie voor de verffabrieken en persten ze veekoeken. Koolzaadolie werd vroeger veel als lampolie gebruikt. Na een paar jaar werden op de zolder molenstenen geïnstalleerd voor het malen van graan. De molen, een achtkante bovenkruier met stelling, is niet alleen bijzonder vanwege de ouderdom en de gaafheid, maar ook vanwege het feit dat de molen twee functies kent, die bovendien springlevend zijn. Er wordt nog regelmatig olie geslagen, waarbij op een ambachtelijke wijze lijnolie wordt verkregen. In 2016 ging molen Woldzigt samen met molen De Hoop in Norg en de Paiser Meul in Peize over van de gemeente Noordenveld naar Stichting Het Drentse Landschap; ‘een stichting die zich inzet voor het behoud van de Drentse natuur en zich sterk maakt voor het in stand houden van ons culturele erfgoed.’

Hoog boven de bomen

Roderwolde is weer een dorp met een Jacobskerk, gewijd aan Sint Jacob, de apostel. Even ter herinnering: Sint Jacob maakte deel uit van de groep apostelen die tot de directe kring van Jezus behoorde en was één van de eerste martelaars van de Katholieke Kerk door zijn leven te geven voor Jezus. Na de dood van Christus begon Jacobus (Santiago in het Spaans) mensen in Hispania te bekeren.

De kerk was sinds de oprichting een ‘zelfstandige, bisschoppelijke eigenkerk’, dat wil zeggen dat de bisschop de kerk uit eigen middelen heeft gesticht. De keuze van de beschermheilige St. Jacob bevestigt de hoge ouderdom van de kerk: na de 12e eeuw werden weinig kerken meer gewijd aan St. Jacob of andere apostelen. Vermoedelijk dateert het eerste kerkje van Roderwolde uit de tweede helft van de elfde eeuw. Het was van hout gebouwd, zoals dat in deze streken vaker het geval was. Ongetwijfeld hebben de monniken uit Aduard later een belangrijke rol gespeeld bij de bouw van de eerste stenen kerk. Het is zeker dat de kerk was gebouwd met kloostermoppen gebakken van klei uit de directe omgeving. In de Kleibosch (Foxwolde) lag een dikke laag potklei dicht aan de oppervlakte. Ook aan turf en hout, de brandstoffen nodig voor het bakken van de stenen, was in deze streek geen gebrek.

Het huidige kerkje is gebouwd in 1831. De stenen van de strakke witte kerktoren zijn echter nog afkomstig van de voormalige 12e-eeuwse dorpskerk. Boven het informatiebord hangt een witte Jacobsschelp, om een ieder er aan te herinneren dat deze kerk aan het pelgrimspad naar Sint Jacob in Spanje, richting Santiago de Compostela, ligt.

We zijn op de juiste weg 😉

De huidige klok dateert uit 1634. Mogelijk zijn de oude middeleeuwse klokken in de onrustige jaren daarvoor geroofd en geconfisqueerd om er kanonnen van te gieten voor het leger van prins Maurits. Toen na de Reformatie de rust min of meer terugkeerde, besloten de kerkvoogden een nieuwe klok te laten gieten. De nieuwe klok werd in 1630 besteld dankzij geleend kapitaal van enkele gegoede ‘kerspellieden’. Tijdens de laatste oorlog dreigde de klok door de Duitsers in beslag genomen te worden. Op de envelop van een briefje, dat in januari 1943 werd verzonden, ter kennisgeving van de in beslag name, heeft een Rowolmer met woedende uithalen gekrast: ‘Klokken in beslag genomen door de Moffen.’ De klok is dus toch weggehaald door de Duitsers en werd, zoals later bleek, naar Hoogeveen overgebracht naar het depot van de Inspectie van de Kunstbescherming. In april 1945 schreef dezelfde secretaris aan de kerkelijke gemeente van Roderwolde dat de oude klok de oorlogsjaren had overleefd en teruggevoerd zou worden naar Roderwolde.

Grappig weetje is dat er in 2002, door een groepje enthousiaste Rowolmers, een oppervlakkig onderzoek is gedaan naar de fundamenten van de oude kerk. Deze liggen nog steeds ongeschonden omstreeks 50 cm onder het maaiveld, waardoor de exacte ligging van de kerk midden op het kerkhof gemakkelijk valt te traceren. Ondanks het feit dat de kerk helaas gesloten was, zijn we toch weer veel te weten gekomen over vooral de uiterlijke kenmerken ……..

Plaats een reactie