Toscane van het noorden

Aduarderzijl – Garnwerd – Aduarderdiep

3-1-4-5-6-17-16-8-7-99

Jarenlang voert Groningen al campagne met de slogan ‘Er gaat niets boven Groningen’ en Jan Mulder noemde ‘zijn’ gebied zelfs ‘het Toscane van het noorden’ vanwege de landelijke rust en ruimte. Dat laatste geldt ook zeker voor één van de oudste cultuurlandschappen van Europa, het Middag-Humsterland, waar het soms lijkt alsof de tijd stil is blijven staan. Aan dromerige weilanden, kronkelende smalle weggetjes en dijkjes, pittoreske dorpjes en middeleeuwse kerkjes geen gebrek. Qua sfeer en beleving gaat de vergelijking zeker op.

Toegang tot het pittoreske dorpje Feerwerd (RK)

Volgens het ‘alwetende’ web heeft Toscane het allemaal: mooie natuur, glooiende heuvels, middeleeuwse dorpen enzovoorts en heeft die omgeving heel wat Renaissance kunstenaars geïnspireerd. Dat klinkt bekend want het weidse landschap van ‘ons’ Toscane biedt eveneens unieke vergezichten die zeer gewaardeerd werden door de schilders van het kunstenaarscollectief De Ploeg.

Meeuwen achter de ploeg (Jannes de Vries 1901-1986)

In 1918 wordt door een aantal jonge kunstenaars Kunstkring De Ploeg opgericht, als reactie op het artistieke klimaat in Groningen. De naam De Ploeg is bedacht door Jan Altink, één van de initiatiefnemers. Het verwijst naar het omwoelen en het ontginnen van de braakliggende ‘kunstakkers’ in Groningen. De Ploegers zetten velden, bomen en luchten in vuur en vlam. Groene luchten, paarse akkers. Het gebruik van felle kleuren en vormen gaf een geheel nieuwe kijk op het Groninger landschap. De omgeving waarin wij wandelen is de moeite van het ontdekken waard!

Dorpsgezicht Garnwerd door Arie Zuidersma (1925-2014)

We pakken de draad weer op in Aduarderzijl, waar we de vorige keer onverwachts voor het veer kozen. We lopen via de wandelknooppunten en laten Antum daarmee links liggen. De route voert ons langs het Aduarderdiep naar Schiftpot waar we het laatste stuk door de weilanden naar Garnwerd lopen.

Langs het water richting Garnwerd (RK)
Alternatief gebruik van de barbie (RK)

Schiftpot ontstond in de 19e eeuw rond een in 1853 opgezet voetveer over het water. Aan noord- en zuidzijde van het Aduarderdiep werden in die tijd huizen gebouwd, waaronder een veerhuis met de naam Schifpot aan de kant van Garnwerd, dat tevens dienstdeed als café. De naam Schifpot verwijst waarschijnlijk naar een ijzeren pot, of kachel waarin schif (vlasafval) werd gebrand. De teelt van vlas kwam hier tot in de zestiger jaren redelijk veel voor. De schifpot verwarmde de herberg bij het vroegere voetveer, die daarom ook de Schifpot werd genoemd, evenals het latere gehucht. Als een naam werkt, moet je hem niet veranderen ;).

Er wordt hard gewerkt (RK)
Twee paden lopen samen door de weilanden

De kerk van Garnwerd, op de wierde van het oude dorp ‘Granawurth’, zie je al van verre, evenals de molen. Deze kerk was in de Middeleeuwen gewijd aan Sint Liudger, de Friese missionaris, rond de tijd van Bonifatius (675-755), die het christendom naar Groningen bracht. Later werd hij bisschop van Munster. Op het dak van de toren zie je een windvaantje in de vorm van een leeuw, een verwijzing aan de familie Lewe van Aduard. Het octrooi (alleenrecht) voor de overzetterij of het veer van Garnwerd, verstrekt door de heer Lewe van Aduard in 1728 is bewaard gebleven. ‘Evert Joost Lewe, Heer van Aduard en onderhorige dorpen, &c. verklare door desen dat ik aan Eghbert Clasen en Grietie Hindriks sijn huisvrow tot Garnwert heb geaccordeert en geoctrojeert tot het regt van de oversetterie tot Garnwert.’ Hieraan waren voorwaarden verbonden. Blijkbaar sprak het niet vanzelf dat overzetters of veerlieden b.v. vlijtig, nuchter en klantvriendelijk waren. De tarieven schreef de heer van Aduard ook voor: ‘bij duister en ijsgang betaalden de klanten het dubbele’. Tot 1888 bestond het veer uit een bootje. Mensen, schapen, geiten en kleinere dieren werden met dit bootje overgezet, maar paarden en koeien konden er niet in. Die werden met een touw achter het bootje gebonden en zwommen zo het diep over. In 1888 kocht de gemeente Ezinge het veerpont van de Wierumerschouw, dat door een brug overbodig was geworden, van de provincie Groningen. De gemeente gaf het vaartuig in bruikleen aan kastelein Hammingh, dan de veerman van Garnwerd. De gemeente zorgde er ook voor dat op beide oevers geschikte aanlegplaatsen voor het veerpont kwamen. Sinds 1933 ligt er een ijzeren brug over het Reitdiep.

De ijzeren brug uit 1933

Zover zijn we echter nog niet. We mogen het pittoreske, smalste en voor auto’s toegankelijke straatje van Nederland tenslotte niet missen. Mooie oude huisjes waartegen stokrozen in allerlei kleuren omhoog slingeren. Altijd een bijzonder gezicht.

Het smalste straatje

Via dit straatje lopen we langs het oude, scheve, voormalige veerhuisje. Op de dijk, naast café Hammingh, ligt het monumentale huisje met prachtige tuin rondom. Een heerlijk plekje op een prachtige lokatie. Bouwen op de dijk is tegenwoordig ten strengste verboden, maar dat was in het begin van de 18de eeuw nog niet het geval. Zowel café Hammingh als het veerhuis zijn gebouwd na de kanalisatie van het Reitdiep waardoor het dorp aan het water kwam te liggen. Het terras bij Hammingh is open en even later zitten wij heerlijk met een kop koffie te genieten van de zon en het uitzicht op het water en de ijzeren brug.

Blik op Hammingh en het oude veerhuisje

Gesterkt lopen we daarna verder over de brug en door de dijkcoupure. We slaan af naar rechts en lopen over het fietspad aan de andere kant van het Reitdiep. De lucht achter ons wordt behoorlijk donker en we hopen dat het net genoeg waait om de bui langs te laten trekken. De kleuren om ons heen verdiepen zich zichtbaar. De kleur van de lucht wordt bepaald door de lichtinval van de zon op de verschillende (lucht)deeltjes in onze atmosfeer. Grote druppels in regenwolken houden bijna al het zonlicht tegen dat op de wolk schijnt. De wolk kaatst het zonlicht weer naar boven. Daardoor is de onderkant van zo’n wolk heel donker. Een mooi fenomeen!

Donkere luchten, intense kleuren (RK)

Het is sowieso ‘typisch Hollands zomerweer’ vandaag met een temperatuur die schommelt tussen 19 en 23 graden, stapelwolken in verschillende lagen en kans op een bui. De combinatie met uitgestrekte groene weilanden vol koeien (of schapen) maken het plaatje compleet.

Nieuwsgierige schapen

Via het gehucht De Raken lopen we richting de Wetsingersluis. Ik lees: ’De stad Groningen was vroeger als zeehaven een belangrijk centrum en stond via het Reitdiep in open verbinding met de zee. Hierdoor was eb en vloed merkbaar tot aan de stad. Het binnenwater van de stad werd gescheiden door de Grote Spilsluizen bij de Ossenmarkt en de Kleine Spilsluizen ten hoogte van de Visserstraat. Het Winschoterdiep en Hoornsche Diep mondden uit in het Reitdiep, daarbij kwam het water van de gebieden onder de latere waterschappen Hunsingo en Westerkwartier. Het overtollige water werd op het Reitdiep geloosd via de Aduarderzijl, Wetsingerzijl, Schaphalsterzijl, Kommerzijl en Schouwerzijl. Doordat er weinig verschil merkbaar was tussen eb en vloed kon er vaak niet worden afgestroomd, waardoor de monding van het Reitdiep begon dicht te slibben. In 1850 was het provinciebestuur overgegaan tot het regelmatig ploegen van de bodem van het Reitdiep, dit gaf niet het gewenste resultaat. Daarbij kwam de toenemende diepgang van de koopvaardijschepen en het probleem van de voornamelijk westenwinden. Er leek een oplossing te zijn; afdamming aan de monding! Men besefte wel dat met alleen de afsluiting van het Reitdiep de problemen nog niet opgelost waren. Het toestromen van water uit het Winschoterdiep en Hoornsche Diep zou het waterpeil doen stijgen en daardoor zou het afwateren van Hunsingo en Westerkwartier bemoeilijkt worden. Om de afvoercapaciteit van het Reitdiep te garanderen kwamen er al snel plannen voor het aanleggen van een schut- en afwateringssluis bij Wetsinge.

Knooppunt van elektriciteitsmasten …… (RK)
Een lieflijker uitzicht langs het Aduarderdiep

In 1919 was het gemaal De Waterwolf bij Electra gereed en verloor de sluis haar functie als schutsluis. In 1969 werd de Lauwerszee afgesloten en had de sluis ook geen waterkerende functie meer. Omdat er echter ook geen onderhoud gepleegd werd, verviel de sluis vervolgens langzamerhand. In 1994 stond de sluis op de lijst om gesloopt te worden. Dat riep weerstand op, getuige een krantenartikel over het belang van het behoud: ‘ze zeggen wel eens dat het Reitdiep een snoer met kralen is. Als je daar een kraal uithaalt, is het verband zoek.’. Toch interessant zo’n stukje geschiedenis onderweg. Rest ons nog het laatste stuk over het fietspad naar onze fietsen.

Plaats een reactie