Zon, zee, (Cad)zand

Heerlijk een weekje weg met het hele gezin. Het belooft een schitterende week te worden met veel zon, we hebben een royaal vakantiehuis voor zes personen en een hond vlakbij de zee en kijken allemaal uit naar ontspannende en gezellige dagen samen. Spoiler alert; dat is meer dan gelukt ;). Cadzand-Bad ligt aan de kust van Zeeuw-Vlaanderen in het uiterste zuidwesten van Nederland, aan de grens met België. Verder weg kan bijna niet vanuit het noorden van het land. Zeker met alle wegwerkzaamheden langs de route, kost het tijd om er te komen. Maar dan ben je ook op een bijzondere plek, want deze badplaats heeft het hoogste aantal uren zonneschijn per jaar van heel Nederland. Dat belooft wat!

’s Ochtends vroeg mogen de honden los op het strand (SK)

Al in 1866 bouwde landbouwer Albrechts op de duinen van Cadzand een hotel en bierhuis annex woning. Hiermee was hij de grondlegger van het huidige Cadzand-Bad. De rijke badgasten kregen een badkoets (een houten kleedhokje op wielen) tot hun beschikking, hetgeen kenmerkend is voor de badcultuur in de 19e eeuw. De badgast klom op het strand in de cabine, waarna deze in het water werd geduwd of in het water werd getrokken, bij de oudere en grotere modellen, door een paard. Eenmaal in het water daalde de badgast, ondertussen omgekleed in badkostuum, het trapje af in zee. Oorspronkelijk werd er naakt gebaad. Een scherm aan de badkoets moest dan bescherming bieden tegen nieuwsgierige blikken. De (naakte) baadsters werden soms vanaf de duintoppen bekeken (zeg maar begluurd) door ‘heren’ met een verrekijker. Later werd het strand ingedeeld in aparte vakken voor dames en heren. Een badman, badknecht of badvrouw hield in de gaten dat de badgast, die vaak niet kon zwemmen, niet verdronk. 

Ooit waren badkoetsjes aan het strand een heel gewoon beeld (internet)

Een badplaats werd in die tijd vooral bezocht voor de gezondheid. Het liefst moest er zo vroeg mogelijk worden gebaad, b.v. om zes uur ’s ochtends, want hoe krachtiger de golfslag was, hoe werkzamer het bad zou zijn. Het zeewater zelf werd ook als gezond ervaren; het werd gedronken en aanbevolen als ‘laxeermiddel voor veelvraten’. Er waren in die tijd ook strenge regels verbonden aan het nemen van een bad. Een zeebad kostte vlak na WOI 50 cent. Bij de prijs was het gebruik van een handdoek en een badkostuum inbegrepen. De maximum tijd voor het nemen van een bad bedroeg 45 minuten, inclusief het omkleden. Duurde het bad langer, dan moest de badgast een tweede kaartje te kopen. Tijdens de badtijd kon ook naar wens een stoel worden gehuurd voor 15 cent. Dit was dus niet voor iedereen weggelegd!

De tijden zijn veranderd. De badkoetsen zijn verdwenen, wel staan hier langs het strand witte badhuisjes met fel gekleurde deuren, die gehuurd kunnen worden wanneer je niet elke dag al je spullen naar het strand wilt ‘slepen’. Voor ons is dat niet nodig. In ons huisje is heel handig een bolderkar beschikbaar voor al onze spullen inclusief een plekje voor de jongste van 4. Na al zijn eindeloze springen over de golven (een hele nieuwe, maar o zo fijne ervaring) is de energie aan het eind van de strandtijd natuurlijk wel een beetje op.…….

Badhuisjes in het avondlicht (RK)
Heerlijk strandweer (IK)
De eerste kennismaking met papa en oom W. (RK)

Op het strand is schelpen zoeken ook altijd een leuke bezigheid. Vooral hier kun je veel unieke fossiele schelpen vinden, zoals b.v. de Zwinkokkel en met een beetje geluk een zwarte haaientand. Vooral die laatste spreekt geweldig tot de verbeelding. We hebben de mazzel dat een langslopende mevrouw er eentje in onze handen duwt voor onze kleine man. Wat een vondst!!

Ze zijn hier echt te vinden…….in mini formaat (RK)

De Zwinkokkel leefde in onze streken in het vroeg- en midden-Eoceen. Dat is zo’n 15 miljoen jaar na het uitsterven van de dinosauriërs. Europa was toen een eilandenrijk met een subtropisch klimaat. In Nederland vind je de zwinkokkel nu vooral op het strand van Zeeuws-Vlaanderen, vlakbij het Zwin, vandaar ook de naam. De zwinkokkel lijkt niet op de gewone kokkels die je op het strand kunt vinden, Het verschil is vooral te zien aan het slot, het systeem wat ervoor zorgt dat de twee kleppen precies in elkaar grijpen en niet ten opzichte van elkaar verschuiven wanneer het dier de schelp opent of sluit. Ook heeft de zwinkokkel een opvallend dikke schelp. Niet te missen dus.

Ter vergelijking: links de Zwinkokkel, rechts een ‘gewone’ kokkel (internet)
Ons kunstwerkje van gevonden schelpen; dit is duidelijk papa ;-D (IK)

In het natuurgebied Het Zwin kun je trouwens bij laag tij zo over de grens naar België wandelen. Bij hoog water stroomt de Zwingeul weer vol water. Dit prachtige gebied om foto’s te maken, wordt ook wel de internationale luchthaven voor vogels genoemd. Hier zie je vogels opstijgen en landen, soms met duizenden tegelijk! Dat ziet ons eigen team fotografen dan weer niet, maar er wordt verder flink geprobeerd, geadviseerd, geobserveerd en creatief ‘geschoten’. Het resultaat mag er zijn!

Vlabij een drukke zeevaart route (SK)
Zicht op Zeebrugge vanaf een duin (RK)
Lange wandelingen totdat het donker is (JK)

Ook vliegeren op het strand mag natuurlijk niet het lijstje van activiteiten ontbreken. Het leuke aan vliegeren is dat het heel snel kan. Het enige wat je nodig hebt, is een beetje wind ;), ruimte en natuurlijk een vlieger. Onze eerste poging is hoog op een plat duin (om de meeste wind te pakken) met een meegebrachte vlieger. De staart van een vlieger moet gemaakt zijn van licht materialen, aldus de mensen met ervaring. Helaas voor ons blijkt dit toch een vlieger met kuren. We moeten zelfs een schepje aan de staart binden om deze vlieger in ieder geval even te kunnen laten zweven. Niet echt het succes waar we op gerekend hadden! 

Er moet zelfs een schepje aan de staart voor een beetje resultaat…….(IK)

Niet getreurd, er is om ons heen een scala aan mogelijkheden om een nieuw, kleurig, eenvoudig te bedienen exemplaar aan te schaffen. Een regenboog inktvis spreekt enorm tot de verbeelding. Helemaal nu we op het strand ook een wit ovaal ding hebben gevonden wat het rugschild van een soort inktvis, de zeekat, blijkt te zijn. In de volksmond wordt dit ook wel zeeschuim genoemd. Onze nieuwe vlieger werkt zoals het moet. Met een klein vlaagje wind en wat hulp kan onze kleine man hem zelf besturen. Het liefst heel dichtbij om hem goed te kunnen bewonderen. Toch heeft veraf, ‘dichtbij de wolken en de zon’, ook wel iets bijzonder aantrekkelijks. Uiteindelijk, vooral omdat er zoveel te ontdekken valt op het strand en in de zee, wordt besloten om de vlieger aan de bolderkar vast te binden. Zo is meteen duidelijk waar we zitten en zijn we voor iedereen makkelijk terug te vinden.

Eindeloze fascinatie (RK)

De week vliegt voorbij. We zijn niet alleen op het strand te vinden, maar demonsteren ook onze kunsten op de midgetgolfbaan, gaan op zoek naar ‘Pesky Pirates, voetballen, tennissen, doen heel veel spelletjes en kletsen, tussen alle bedrijvigheden door, heel wat af met elkaar. Kortom precies zoals een familie vakantie behoort te zijn! De perfecte gelegenheid om de band te versterken en samen op avontuur te gaan (hoe klein of hoe groot dan ook), zonder de afleidingen van alledag. Zo is het niet alleen een moment van ontspanning, maar maak je ook blijvende herinneringen met de mensen die je dierbaar zijn. Wat wil je nog meer?

Een ‘vissenvanger’ is echt onmisbaar (IK)
Piraten speurtocht in volle gang (RK)
Zo’n bal is een kunst op zich…….toch? (RK)
Een heerlijke week in een fijn huisje (RK)