We zijn in Wayanad district in het noordoosten van Kerala vlakbij de grens van Tamil Nadu en het is vooral bekend ‘for its scenic beauty, misty mountains, and lush green landscapes, which include waterfalls, lakes, and spice plantations.’ Dat belooft wat! De naam is ontleend aan woorden uit het Malayalam, ‘Vayal Nadu’, wat zoiets als ‘land van de rijstvelden’ betekent. Het geeft in ieder geval het landbouw aspect goed weer.
Wayanad, gelegen op een hoogte tussen de 700 en 2100 m boven de zeespiegel, is een regio met een enorme biodiversiteit die zich uitspreidt over 2.132 m2 over de hoge West-Ghats. Verscholen in de heuvels van dit gebied (strekt zich uit over drie staten, t.w. Kerala, Tamil Nadu en Karnataka) bevinden zich een paar van de oudste inheemse volkeren die nog onaangeroerd zijn gebleven door de beschaving. R. kan zich dit van zoveel jaar geleden nog goed herinneren. Het was een verrassend gezicht om vanuit zijn kantoorraam te kijken naar schaars geklede mannen die met pijl en boog op wilde zwijnen jaagden.
We hebben heerlijk geslapen midden in het groen en beginnen de dag goed met een ‘full Indian breakfast’, al kun je ook vragen om toast met boter en jam; de keuze is niet zo moeilijk ;).
Daarna douchen en op stap voor een ochtendwandeling in de buurt. Het weer is heerlijk, zo’n 23 graden, een beetje wind, maar ook met een luchtvochtigheid van bijna 90%. Dat voel je wel. Ondanks dat Wayanad gezien wordt als één van de mooiste plekken van Kerala, wordt deze regio toch vaak overgeslagen door buitenlandse reizigers. Eigenlijk merkwaardig want het is een prachtige, bergachtige regio met veel jungle. In de buurt van ons resort zien we vooral veel koffie al dan niet in sterk verwaarloosde staat. Heel leuk om alle stadia van bloei tot rode bessen aan de planten te kunnen zien. W. moet wel heel veel geduld met ons hebben, want we kunnen er niet genoeg van krijgen.
Ook veel bananenbomen (kennelijk geen bananen seizoen nu) en bomen met grote, ronde of peervormige vruchten met een gladde, dikke groene schil. Volgens ons is dit de pomelo, een grote citrusvrucht die lijkt op een grapefruit, maar groter en zoeter is met een dikkere schil en een mildere, citroenachtige smaak.
Onderweg komen we langs verschillende kleine huisjes. Zulke zandweggetjes met dit type huisjes kun je in alle Aziatische landen vinden, hier wonen de harde werkers met (meestal) weinig kansen. Het is hier geen gemakkelijk bestaan, zo ogenschijnlijk ver van de bewoonde wereld. We zien veel hamer en sikkel pamfletten op palen geplakt. Kerala was dan ook de eerste staat in India met een democratisch verkozen communistische regering, die in 1957 aantrad en land- en onderwijshervormingen doorvoerde. Het wordt daardoor beschouwd als een communistisch bolwerk in India met een sterke linkse partijen zoals de Communistische Partij van India (Marxistisch) (CPIM) en de Communistische Partij van India (CPI). Deze partijen regeren hier al decennia via democratische verkiezingen, waarbij ze o.a. streven naar het aanpakken van armoede en sociale ongelijkheid.
Onderweg komen we motorrijders tegen die ons verder naar boven sturen waar een mooi uitzichtpunt moet zijn. Wij lopen klem in steeds smaller wordende en meer overwoekerde paadjes en ondanks de verzekering dat hier beslist geen slangen zijn, besluiten we dat het waarschijnlijk verstandiger is om terug te gaan en de weg naar beneden te verkennen.
We worden vriendelijk toegezwaaid door de bewoners van een huisje boven ons. We zijn vast ongebruikelijke voorbijgangers. Langs de weg zien we een kleine tempel. Het ziet er een beetje verlaten uit, maar overal zijn tekens dat deze tempel wel gebruikt wordt.
Zo zien we achter de tempel een soort altaartje met daarop twee slangen die met geel poeder besmeurd zijn en waaromheen de nodige restanten van bloemen liggen. Welke Hindoe god wordt hier geëerd? Ik kom niet verder dan de slang van Vishnu. Shesha (letterlijk: ‘overblijfsel’), Adishesha of Anatashesha is in de hindoeïstische mythologie de duizendkoppige slang waarop de god Vishnu slaapt in de periodes tussen de era’s. De slang drijft in een oceaan van melk en houdt de onderwerelden in stand. Tsja, dan weet je nog niet zoveel, toch? Wat wel bekend is dat slangen in het hindoeïsme vereerd worden vanwege hun symboliek. Ze worden gezien als goddelijke wezens of naga’s. Het doden van een slang wordt daarom als een zonde beschouwd. Het festival Nag Panchami, dat jaarlijks wordt gevierd, is een hoogtepunt van deze verering, waarbij slangenbeelden worden geofferd met melk en wierook om zegeningen te vragen. Dit jaar viel dat feest al op 29 juli, dus het lijkt me sterk dat dit nog een uitvloeisel daarvan is. Maar ja, dat was het hoogtepunt, er zijn vast ook wel kleinere, meer individuele redenen te bedenken om aan de slangen te offeren. De slang staat immers symbool voor verschillende concepten: vruchtbaarheid, een genezing, vrede en zelfs het eeuwige leven vanwege het feit dat ze hun huis vervellen en vernieuwen.
Even verderop zien we een drietand, waarbij de tanden zijn beschermd met kleine ballen of worden de buitenstaanders beschermd tegen de kracht van de tanden? De drietand, of Trishula, is een belangrijk symbool in het hindoeïsme dat met name met Shiva wordt geassocieerd. Elke tand symboliseert aspecten zoals schepping (nieuw leven), het bestaan (behoud en onderhoud, harmonie en evenwicht) en vernietiging (loslaten en omarmen van transformatie of spirituele groei). Dit worden ook wel de drie werelden genoemd: binnenwereld, directe omgeving en de bredere wereld.
Ook ontdekken we een soort standaard voor de ons zeker bekende Divali lampjes. Hier niet de kleine aardewerken bakjes, maar aan de basis gesoldeerde ijzeren exemplaren. Ze werken natuurlijk hetzelfde. Een traditionele diya of diepa, een kleine aardewerken olielamp, wordt gebruikt tijdens het Hindoestaanse lichtfeest Diwali. Deze lampjes, vaak handgemaakt en gevuld met olie en een lont, symboliseren de overwinning van het licht op de duisternis en het goede op het kwaad. Ze worden aangestoken om hoop, voorspoed en spiritueel ontwaken te vieren en worden zowel voor religieuze ceremonies als ter decoratie gebruikt. Ik heb er jaren een paar gehad, gewoon omdat ze zo leuk zijn en een mooie symboliek kennen. Divali, ook Deepavali, Diwali of Deevali genoemd is één van de belangrijkste feesten in het hindoeïsme en vindt zijn oorsprong in India. Het woord is afgeleid van het Sanskriet dipavali, dat een rij lichtjes betekent.
Leuk om zo ondergedompeld te worden in het hindoeïsme en alle symboliek en gebruiken die daarbij horen. Op de terugweg stuiten we op een groep mannen die uitgelaten terugkeren van een (lokale) verkiezing, waarbij één van hen, de kandidaat, het naar verwachting kennelijk goed heeft gedaan. Handen worden geschud, namen worden uitgewisseld en onze mannen ontkomen er niet aan om met de groep op de foto te gaan. Niets gaat te ver, elke PR is overduidelijk meer dan welkom ;-D.
Na de lunch met ‘gobi Manchurian’ (bloemkool in een saus), rijst en veel water is het even relaxen om dan toch eindelijk dat zwembad te proberen. De baas van het resort knikt tevreden; ‘it’s a good time for bathing, sir’. Het is wel een kleine overwinning om dat koude water in te gaan, maar eenmaal nat is het heerlijk en het uitzicht is fantastisch! We hebben geluk, want na een kwartiertje beginnen de eerste druppels te vallen om snel over te gaan in een heuse tropische regenbui met alles erop en eraan. Onweer, donderwolken en een power cut.
De rest van de middag aanschouwen we het natuurgeweld terwijl het overal langzaam donker wordt. Het duurt lang voordat de stroom terug komt, waarschijnlijk hebben ze (nog) geen generator. Het hoort allemaal bij ‘the Indian experiece’.























