‘Deep safari’

De wekkers staan om kwart over 5 want om 6 uur gaan we op pad naar de zogenaamde ‘deep safari’. Daarvoor moeten we een half uurtje rijden, want deze safari wordt alleen door de overheid georganiseerd. Een zogenaamde ‘deep safari’ betekent gewoon een safari per jeep (of bus) diep het park in. Het is ons aangeraden om vroeg in de ochtend te gaan omdat het aangrenzende park Bandipur op dit moment gesloten is en alle safari geïnteresseerden nu hierheen komen om vooral die ene tijger te spotten. Mudumalai werd in 2007 een tijgerreservaat onder Project Tiger, een initiatief van de Indiase overheid om tijgers en hun leefgebied te beschermen. Het reservaat kent een kerngebied (met een nationaal park of wildreservaat) en een bufferzone om de tijgerpopulatie in stand te houden en het leven van mens en dier te harmoniseren. Dit omvat het tegengaan van stroperij, verlies van leefgebied en conflicten tussen mens en dier. ‘Moeilijke’ tijgers elders worden gevangen en hier uitgezet om zo het aantal tijgers te behouden en mogelijk te vermeerderen. Volgens tellingen ‘wonen’ hier tegenwoordig 162 tijgers. Als je je dan bedenkt dat een oudere schatting (2017) slechts 60 tijgers aangaf, dan mag dit project wel een succes genoemd worden.  

Onze gids heeft er zin in. We zijn net omhoog geklommen in de jeep of het is gas op de plank om over de asfaltweg naar ons startpunt te racen. Dat laatste lukt niet echt, want de weg is voorzien van behoorlijke drempels. De geur van verbrand rubber hangt om ons heen ;). Het pad het bos in is afgesloten met een slagboom. De sleutel ligt in een klein gat in de paal ernaast. Makkelijk toch? Wat is dit meteen al een stuk leuker dan de safari van gisteren. Het is prachtig in het bos, helemaal wanneer de zon langzaam aan kracht wint en  mooie banen licht laat schijnen tussen de bomen. Ook zonder dieren is dit al genieten! 

Vanaf hier gaan we diep het bos in
Ook zonder dieren is het al bijzonder

De houding van onze gids verandert meteen, Hij rijdt nu geconcentreerd terwijl hij aandachtig links, rechts en omhoog kijkt. Het park is namelijk een zeer vogelrijk gebied met maar liefst 227 vogelsoorten, waaronder verschillende neushoornvogels. Ongeveer 8% van de vogelsoorten van India is hier te vinden, waardoor het een belangrijk gebied is voor vogelliefhebbers. Wij zien een prachtig groen soort papegaaitje en de majestueuze adelaar vlak bij ons op de uitkijk zittende hoog in de kale boom. Een snel beweeglijk vogeltje met een lange staart waaraan het uiteinde een soort pluimpjes zitten, blijkt te snel voor onze camera’s. Op deze manier dieren ontdekken en proberen te volgen in hun natuurlijke omgeving blijft bijzonder.

Een soort papegaaitje? (RK)
Op de uitkijk (RK)

Opeens horen we geraas niet zover bij ons vandaan. Onze gids weet het zeker, er is een olifant in de buurt. Gespannen kijken wij in de richting van het geluid. Ondanks de grootte van zo’n beest, blijkt het toch iedere keer weer een uitdaging om zelfs een olifant te ontdekken. Ze gaan met hun grijze huid goed op in de omgeving. We wachten geduldig af en worden beloond met het zicht op een enorme kop met links en rechts behoorlijke slagtanden. ‘Tusker’, fluistert onze gids. Een ‘tusker’ is eigenlijk ‘een mannetjes olifant met uitzonderlijk grote slagtanden, waarbij minstens één slagtand meer dan 45 kg weegt’. Echte tuskers zijn zeldzaam en worden beschouwd als ‘levende legendes’. Vanwege hun waardevolle ivoor zijn ze, spijtig genoeg, niet veilig voor stropers. Tusker klopt hier waarschijnlijk niet helemaal, maar desondanks ziet de kop er indrukwekkend genoeg uit.

Elke keer opnieuw bijzonder (RK)

Bij de Aziatische olifant hebben alleen de mannetjes grote slagtanden, alhoewel ook niet alle mannetjes ze hebben; dit is weer afhankelijk van de regio en de eerdere ivoorjacht. De mannetjes leven over het algemeen solitair, ze verlaten de kudde van vrouwtjes en jongen zodra ze volwassen zijn. Een mannetje kan gevaarlijk zijn, vooral tijdens de paartijd; een periode die ‘musth’ wordt genoemd. Hormonale veranderingen maken de mannetjes dan extreem agressief, onberekenbaar en gevaarlijk voor zowel andere dieren als mensen. Misschien daarom dat de tuskers over het algemeen ontzag inboezemen en gevaar inhouden?

Op terugweg zien we langs de kant van de (asfalt)weg zelfs nog meer olifanten en heel veel groepen gestippelde hertjes. We zijn dik tevreden met wat we gezien hebben!

Mooi met zo’n groot gewei (RK)
Indrukwekkende slagtanden (RK)
Zijn dit een moeder en (jonge) zoon? (RK)

Na de jeepsafari mogen we meteen door naar het olifantenkamp vlakbij waar olifanten worden opgevangen die op en van verschillende plaatsen ‘gered’ zijn. Sommigen zijn wees, anderen gewond of overbodig geworden (bij tempels b.v.) en weer anderen bezorgen mensen overlast. Olifanten worden onder andere bedreigd omdat mensen steeds dichterbij de olifanten gaan leven. Olifanten hebben veel ruimte nodig, voornamelijk bossen, voor hun voedsel. Deze bossen worden massaal gekapt, waardoor de olifanten steeds vaker in contact met mensen komen en de akkers van de bewoners plunderen. De boeren weten zich geen raad en doden daarom soms de olifanten. Vroeger werd de olifant wel beschermd omdat ze gebruikt werden voor zwaar werk, maar voor veel werk worden nu machines gebruikt. Tegenwoordig wordt onderzoek gedaan naar een mogelijke nieuwe manier om conflicten tussen mens en olifant te verminderen. Olifanten reizen over olifantenpaden en gebruiken vooral hun geur om deze paden te volgen. Het doel is om urine en poep van olifanten te gebruiken om de route van de dieren te veranderen, weg van de lokale bewoning. Als dat lukt, kunnen olifanten en mensen mogelijk beter samenleven.

In het kamp krijgt elke olifant een eigen ‘voedselbal’

In dit kamp worden de olifanten beschermd, krijgen ze elk dagelijks hun eigen ‘voedselbal’ en hebben ze elk hun eigen verzorger (de mahout) die hen in de gaten houdt en hen begeleidt bij het ‘grazen’. De Aziatische olifant eet per dag wel tot 150 kg plantaardig voedsel. Het grootste gedeelte van de dag is de olifant dan ook (zoals vele planteneters) met eten bezig, gemiddeld wel 18 uur. Tijdens dat grazen komen deze olifanten in contact met hun soortgenoten in het wild. Dat schijnt niet altijd even goed te gaan, al ‘is a friendly conversation certainly possible’. We zien hoe de voedselballen worden bereid, waarbij elke olifant een eigen dieet heeft. De mahout wacht met de bal bij de olifant totdat deze de slurf omhoog doet en de bek wijd openspert. Vervolgens drukt de mahout de bal diep in de keel en klaar is kees. Hoewel de olifanten hier goed verzorgd worden en met respect worden behandeld, worden ze daarnaast dagelijks getraind en moeten de meesten ook werken. Het werk is ‘safari’, wat volgens ons betekent dat er nog steeds olifantentochten worden gemaakt boven op de rug van een olifant. We hebben het niet gezien, dus het kan zijn dat er tegenwoordig toch iets anders mee bedoeld wordt.

Een speciale voedselbal voor olifant Ragu
Ragu heeft er wel zin in

Na de extra vitamientjes en andere geselecteerde ingrediënten worden de olifanten door hun mahouts meegenomen naar het bos om te grazen. Aan het eind van de middag volgt een tweede sessie met hetzelfde concept. Voor ons zit het erop.

Het zijn net mensen 😉

Morgen een reisdag naar Calicut, waar we ons laten onderdompelen in alles wat er komt kijken bij een Indiaas huwelijk ‘Kerala style’.





Mudumalai

Net voordat we willen vertrekken, worden we gebeld vanaf de ‘gate’ dat iemand ons nog graag wil ontmoeten. Even later zien we twee nu al bekende gezichten met een derde nog vreemde man in het midden. Het blijken Sadiq, Shabin en Shain te zijn. Shain is de jongste zoon van Abdu, die in ‘onze’ tijd met onze hulp een gehoorapparaat heeft gekregen. Hij had natuurlijk de verhalen van zijn broer gehoord en wilde ons dolgraag ontmoeten. Ontroerend! Hoe leuk om dan ook Wout te spreken. De verhalen komen los. Abdu die een band van onze auto moest verwisselen, terwijl Wout naast hem op zijn knietjes zat om ‘te helpen’. Of dat Wout soms voorin in de auto op Abdu’s schoot mocht zitten om te sturen (slakkengang op de compound hoor). Leuk om te horen.

Abdu’s zoons: Shain staat in het midden

Onze eerste stop is al in Cherambadi. Met alle programmapunten hebben we haast nog geen tijd gehad om even door het, sterk uitgebreide, dorp te lopen. Sajeesh vindt het maar een vreemde bedoening dat we aan de ene kant van het dorp uit de auto willen om pas aan de andere kant weer in te stappen. Hij vertrouwt dat toch niet helemaal en op verschillende plekken op onze route zien we hem even parkeren en uit de auto stappen om te controleren of het allemaal wel goed gaat. Lachen, want zo groot is Cherambadi niet en het bestaat nog steeds uit maar één lange rechte weg. We ontdekken een supermarktje, twee hotels, de mogelijke opvolger van kleermaker George (mama Greet welbekend :-D) en worden overal vriendelijk begroet. De hoeveelheid buitenlanders hier is waarschijnlijk wel onveranderd gebleven ;). 

Zulke herkenbare winkeltjes (RK)
Een heus hotel in Cherambadi (RK)
Zit hier de vervanger van George? (RK)

We rijden verder naar Gudalur, een grote(re) stad met allure geworden, waar Sajeesh een goed koffie adresje weet. Aldaar besluiten we ook maar meteen vroeg te lunchen en vallen we met onze neus in de boter. De ‘masala dosa’ kan nog net besteld worden. Heerlijk. 

Masala dosa 😋

Ons einddoel van vandaag is nationaal park Mudumalai. ‘Malai’ betekent heuvel of berg. De naam ‘Mudumalai-bos’ was al in gebruik toen de Britse regering het bos in 1857 huurde van de radja van Neelambur voor houtkap. In 1940 werd nationaal park Mudumalai opgericht als het eerste wildreservaat in Zuid-India. Het park, met een oppervlakte van ongeveer 321 km² op het drielandenpunt Tamil Nadu, Kerala en Karnataka, staat bekend om zijn rijke biodiversiteit en veel bedreigde diersoorten. Mudumalai werd in 2007 zelfs uitgeroepen tot tijgerreservaat en aangemerkt als ‘Critical Tiger Habitat’. Betekent dat meer of juist minder kans voor ons om een tijger te spotten? We gaan uit van het eerste scenario, onze verwachtingen zijn hoog gespannen.

Als het echte bos inkomen moeten we eerst langs een checkpoint. Het invullen van alle papieren voor de bijbehorende e-pass was nog een hele opgave vanochtend voor Riep en Sajeesh zich gezamenlijk over moesten buigen.

Met Rajeesh de nodige gegevens invullen voor de e-pass

Met succes, want we kunnen zo verder en even later rijden we door het dorp Masinagudi om vervolgens het terrein op ter rijden van ‘Jungle Hut’ in Bokkaporam. We zitten midden in de natuur. Het terrein ligt midden inde zogenaamde ‘buffer zone’ van nationaal park en maakt daardoor ook echt onderdeel uit van het park. We zien meteen axisherten (spotted deer) rondom de huisjes en horen het verhaal dat hier gisteren een olifant bij het zwembad aan het grazen was. Het wild komt dichtbij, dat kan ook want het hele resort ademt rust uit. Het Jungle Hut team zegt daar zelf over: ‘Jungle Hut is a family destination where Stags and Corporate Groups are a rare sight. If someone whistles at you, it is more likely to be the Malabar Whistling Thrush rather than a schoolboy playing truant (= spijbelen). There are no televisions or telephones in the rooms to invade the peace and quiet of the surroundings. This creates an atmosphere of utter serenity, which is as refreshing as it is rare. Here, you hear the true sounds of the jungle coming alive at night.’

Ons huisje met een mooi uitzicht

We kunnen vanmiddag meteen nog een buffer zone safari regelen, want ook daar hebben we zeker de kans om echt ‘wildlife’ te spotten. Om dat te demonstreren staat er een groot bord in de eetruimte waarop vermeld staat welke dieren waneer voor het laatst zijn gespot. We hopen natuurlijk op de tijgers en het luipaard, maar zijn al dik tevreden met olifanten, gaur (Indiase bizons) en sambhar (paardherten)……..

Als je geluk hebt, valt er veel te zien in de buffer zone (WK)

Tegen 3 uur stoppen in een jeep en gaan we met onze gids op stap. Deze safari loopt dus door de brede buitenranden van het eigenlijke park en gaat vooral over smalle asfaltwegen. Desondanks genieten we van het buiten zijn, de natuur om ons heen en de verwachting. Alles is immers mogelijk als je het bord mag geloven. We horen verhalen over een ‘rogue tiger’ die gisteren nog een vrouw heeft aangevallen die haar geit of koe aan het weiden was. De vrouw heeft het niet overleefd. De tijger is later nog eens gezien, waarop de politie is ingeschakeld die met man en macht is uitgerukt en de tijger met vuurwerk heeft weggejaagd. Waarschijnlijk gaat het om een oude tijger, die zelf niet meer kan jagen en daarom dichterbij de dorpen/mensen komt. Op zoek naar de zwakste prooi, moest de vrouw het deze keer ontgelden. Dat is de andere kant van het leven in de jungle.

In afwachting van ……

Wij zitten ondertussen hoog in onze jeep. Wout krijgt meteen de verrekijker van onze gids waardoor de kansen om iets te ontdekken aanzienlijk groter moeten worden. (?)

Volgens mij ….. heel in de verte ……

We zien vooral veel axisherten (spotted deer), een paar langur apen, die in het Nederlands, verrassend genoeg, slankapen worden genoemd, hoog in de bomen en horen het blaffende geluid (lijkt op het blaffen van een hond), dat de muntjak of blafhert (barking deer) maakt.

Hoog in de bomen zit de langur
Veel gestippelde herten
Het ligt niet aan onze inzet 😉

Helaas deze keer geen ‘groot wild’ …….. morgenvroeg de herkansing tijdens de ‘deep safari’?